Stressmeting voorkomt agressie in psychiatrie

Stress is meetbaar. Dit blijkt uit gezamenlijk onderzoek van GGzE en Philips dat beschreven is in het laatste nummer van Acta Neuropsychiatrica.

Een betrouwbare stressmeting kan agressief en verstorend gedrag in de psychiatrie terugdringen.  

Een goede inschatting van dreigend agressief en verstorend gedrag is van groot belang in de psychiatrische praktijk. Op dit moment steunt die inschatting volledig op observaties, ervaring en interpretaties van hulpverleners. Onderzoekers bij GGzE hebben met behulp van de nieuwste techniek van Philips hier een objectieve meting aan toegevoegd.
 
Martin Ouwerkerk van Philips Research ontwikkelde een mobiele huidweerstandmeter waardoor het voor het eerst mogelijk is in een praktijksituatie het spanningsniveau van individuen te meten. Deze meter lijkt op een soort van horloge en meet aan de binnenkant van de pols de reactie van de huid op sterke emoties.
 
Vroeger konden dergelijke signalen alleen met grote, vaste apparatuur gemeten worden. Omdat een testpersoon daarvoor naar het laboratorium moest, was praktijkonderzoek niet mogelijk. De polsband van Philips biedt onderzoekers een ‘mobiel testlaboratorium’ waardoor testen in de dagelijkse praktijk van een gesloten afdeling mogelijk is. 
 
Uit de eerste teststudie blijkt dat de polsbanden vroegtijdig meten wanneer bij een cliënt de spanning te hoog oploopt. Een te hoge spanning is onverdraaglijk en leidt tot escalaties. De polsbanden meten bijna een uur voor een incident zeer sterke stijgingen van de stressniveaus. Dit kan in eerste instantie cliënten helpen om voorzorgsmaatregelen te nemen. Uiteindelijk kunnen hulpverleners ruim voor een escalatie waarschuwingen krijgen. Dit maakt vroegtijdig ingrijpen mogelijk. 
 
Bij de praktijktest hebben hulpverleners tussen 12 april en 12 mei 2010 van dag tot dag observaties ingevuld over hun cliënten en kleine testjes afgenomen. Tijdens deze periode droegen zowel cliënten als hulpverleners de polsband van Philips. Onderzoeker Erik Kuijpers heeft de observaties van de hulpverleners, de resultaten van de tests en de logboeken van incidenten naast de meetgegevens van de polsbanden gelegd en kon zo het verband waarnemen bij cliënten.
 
Voor verder gebruik van deze techniek is empirisch onderzoek nodig. Op dit moment worden voorbereidingen getroffen om dezelfde test uit te voeren bij een grote testgroep. Daarmee kan de betrouwbaarheid en kwaliteit van de metingen gegarandeerd worden.

Bron: ggze.nl
woensdag 13 juli 2011