Ruiken voor Genen Juni 2010 GROUP onderzoek
IN EEN AANTAL GROUP CENTRA IS ER EEN GEURHERKENNINGSTEST TOEGEVOEGD AAN DE TWEEDE METING.
Het betreft een test waarbij de deelnemer wordt gevraagd zestien alledaagse geuren te benoemen uit telkens vier meerkeuze antwoorden, bijvoorbeeld: 1) gras, 2) leer, 3) lijm, 4) rook. Julia Meijer (AMC) legt uit waarom.
Reuk als oerzintuig
Reuk is het meest genetisch bepaalde zintuig. Als je kijkt naar reuk binnen het dierenrijk dan zie je dat verschillende individuen binnen een bepaalde diersoort vaak hetzelfde reageren op een bepaalde geur. Alle zebra’s herkennen de geur van een leeuw bijvoorbeeld als die van de vijand. Gelukkig voor de zebra hoeft hij deze geur niet te ‘leren’ door eerst een leeuw van dichtbij mee te maken, maar is deze associatie instinctief bepaald. Dit geeft aan dat het reuksysteem voor een groot deel al voor de geboorte is vastgelegd in de genen.
Anatomie van ruiken
Hoe gaat dat nou, ruiken? Kort gezegd: wie ademhaalt, ruikt. Geurmoleculen uit de omgeving dringen de neus binnen en geven een signaal af aan de reukcellen die bovenin de neus zitten. Dit signaal wordt doorgegeven aan de hersenen via twee wegen. De eerste en evolutionair gezien ‘oudste’ weg loopt naar het limbisch systeem, ook wel de primitieve hersenen genoemd. Deze weg is instinctmatig en speelt een rol bij instandhouding van de soort. Via deze weg kun je beoordelen of iets veilig is om te eten, kan ‘onheil geroken worden’, kunnen partners elkaar selecteren en kan een pasgeboren baby zijn moeder herkennen. Het is ook deze oude verbinding met de primitieve hersenen die zorgt dat een geur een sterke herinnering of emotie kan oproepen. En dan is er de tweede weg naar de reukschors, die onderdeel uitmaakt van de voorhoofdskwab van de hersenen. Dit is de ‘nieuwere’ weg, die bij hogere organismen zoals de mens beter ontwikkeld is. Via deze weg kun je geuren herkennen en een naam geven zoals ‘vanille’ of ‘peper’.
Waarom geurherkenning bij GROUP?
Ruiken is een vorm van informatieverwerking. Er zijn aanwijzingen zijn dat informatieverwerking bij mensen met een psychose anders verloopt dan bij de rest van de bevolking. Door het onderzoeken van het reukvermogen bij patiënten en hun broers en zussen is het mogelijk om te kijken of bepaalde patronen die bij patiënten gevonden worden ook bij broers en zussen te vinden zijn. Dit zou ons dan op het spoor zetten dat bepaalde genen die betrokken zijn bij de geurherkenning ook betrokken zijn bij het ontstaan van psychose. In dat geval kan geurherkenning een belangrijke schakel zijn in de zoektocht naar genen die een rol spelen bij een psychose. De genen die verantwoordelijk zijn voor het reuksysteem bij de mens zijn namelijk bekend, en de genen die het risico op het krijgen van een psychose verhogen nog niet allemaal.
Weetjes over reuk .....
- Al kunnen mensen wel tienduizend verschillende geuren ruiken, vergeleken met dieren is nog maar een klein deel van onze hersenen gewijd aan het reukvermogen en is er een veel groter deel van onze hersenen betrokken bij het zicht.
- Wij mensen hebben het wel over ‘nattigheid ruiken’ maar we kunnen het niet. Dit in tegenstelling tot paarden, die in de woestijn van veraf water kunnen ruiken, en zalmen, die op hun reukvermogen duizenden kilometers de oceaan overzwemmen terug naar het riviertje waar ze geboren zijn.
- De geuren die je waarneemt beïnvloeden je gevoel en gedrag. Amerikaans onderzoek heeft aangetoond dat huizen beter verkopen door de aanwezigheid van de geur van versgebakken brood. De befaamde Japanse werklust wordt mede veroorzaakt doordat veel firma's 's ochtends vroeg citroenolie via de airconditioning verspreiden.
- Mensen kunnen geuren herkennen met 65% nauwkeurigheid na een jaar, terwijl het herkennen van foto’s na drie maanden al is gedaald tot 50%.
- Het herinneren van geuren (via de oude hersenen) gaat vooraf aan het benoemen van geuren (in de nieuwe hersenen). Zo gebeurt het dat een geur uit je kindertijd, zoals de geur van schone was of de vochtige zolder bij opa en oma, al een emotie bij je kan oproepen nog voordat je hebt bedacht waar het je aan doet denken.
Bron: group-project.nl
juni 2010




