Meer aandacht voor beweging nodig in behandeling schizofrenie

in

De geestesziekte schizofrenie brengt ook verschillende lichamelijke klachten met zich mee.

Patiënten met schizofrenie leven gemiddeld dertig jaar minder lang en hart- en vaatziekten zijn de belangrijkste vroegtijdige doodsoorzaak. Kinesist Davy Vancampfort, die erover doctoreerde vanuit zijn praktijkervaring, pleit voor meer screening en een aangepaste behandeling.

Davy Vancampfort koos tijdens zijn studies revalidatiewetenschappen en kinesitherapie voor de afstudeerrichting geestelijke gezondheidszorg. Hij ging aan de slag als psychomotorisch therapeut in het Universitair Psychiatrisch Centrum (UPC) Kortenberg. Vancampfort is niet verbaasd als hij zijn beroep moet toelichten: “Een psychomotorisch therapeut werkt met psychiatrische patiënten: door hen aan het bewegen te brengen zullen ze geestelijk, lichamelijk en sociaal beter functioneren.”

In Kortenberg viel het Vancampfort op hoeveel fysieke klachten de psychiatrische patiënten vertoonden: “De laatste jaren kampen meer en meer psychiatrische patiënten met overgewicht: door de medicatie komen ze soms tien à vijftien kilo bij in minder dan drie maanden. Dat is één van de belangrijkste redenen waarom ze zo weinig bewegen. Van mijn diensthoofd Michel Probst en van hoofdgeneesheer Marc De Hert kreeg ik in Kortenberg de mogelijkheid om dat verder te onderzoeken bij schizofrenie.”

Stofwisseling

Patiënten met schizofrenie hebben een levensverwachting die dertig jaar onder het gemiddelde ligt. Hoewel zelfdoding veel slachtoffers eist, zijn hart- en vaatziekten de belangrijkste vroegtijdige doodsoorzaak. Een belangrijke voorspeller van die ziekten is het metabool syndroom: “Dat is een groep stofwisselingsstoornissen die gepaard gaat met hoge bloeddruk, verhoogde cholesterol, stoornis in de vetten en het suikergehalte in het bloed, en overgewicht. Uit onze studie blijkt dat één op drie patiënten met schizofrenie het metabool syndroom heeft: bij hen verdubbelt het risico op hart- en vaatziekten.”

Dat patiënten met schizofrenie zo vatbaar zijn voor het syndroom, heeft te maken met de symptomen van hun ziekte, in combinatie met de medicatie die ze daarvoor krijgen. “Bij schizofrenie vertoont de patiënt vaak wanen, hallucinaties en gedesorganiseerd gedrag, maar ook een gebrek aan interesse en motivatie. Dat laatste leidt tot een meer sedentaire levensstijl en dus minder fysieke activiteit. Bovendien draagt de behandeling met antipsychotica nog bij tot de problemen. Vroeger hadden die medicamenten motorische neveneffecten, zoals beven. De huidige medicatie heeft vooral nevenwerkingen op de stofwisseling.”

Vancampfort pleit voor meer screening op hart- en vaatziekten bij de patiënten: “Nog niet eens de helft wordt voldoende gescreend op het metabool syndroom. Men besteedt er weinig aandacht aan, en bovendien zijn de medische richtlijnen veel te vaag.”

Motivatie

Vancampforts bevindingen hebben ook implicaties voor de behandeling: “Een psychiatrische behandeling die als gevolg heeft dat je ongezonder wordt en veel vroeger sterft, is geen goede psychiatrische behandeling. Als psychiaters medicatie voorschrijven voor schizofrenie, moeten ze ook beweging en een gezondere levensstijl voorschrijven. Het één staat ook niet los van het ander: het blijkt dat met veel beweging het aantal symptomen van schizofrenie vermindert.”

“Cruciaal is de motivatie van patiënten om te bewegen: door hun lage zelfbeeld en hun overgewicht geven velen het op. Die patiënten een gratis abonnement van zes maanden bij een fitnesscentrum geven: het is geprobeerd en dat werkt niet. Er is dus meer gespecialiseerde zorg en individuele omkadering nodig. Nu krijgen patiënten die alleen zolang ze opgenomen zijn. Om de zorg thuis voort te zetten, moet men ambulante oplossingen uitwerken, liefst in samenwerking met de familie van de patiënt.”

Een overzicht van alle actuele doctoraatsverdedigingen vindt u op http://www.kuleuven.be/doctoraatsverdediging/

Bron: Campuskrant, tijdschrift van de KU Leuven, 1 februari 2012” Auteur: Ilse Frederickx