Hoe verder?
Inleiding
Soms gaat een psychose voorbij zonder restverschijnselen en ben je een ervaring rijker. Soms ook houd je hinder en kosten dingen meer moeite dan voor je psychose. Wat veel voorkomt zijn problemen met denken, concentratie, geheugen, het plannen en uitvoeren van taken, het leren van nieuwe dingen en sociale communicatie over en weer. Ook je gevoel kan zijn veranderd en het kan je moeite kosten nog ergens van te genieten. Daar kun je onzeker van worden of zelfs angstig. Angstig kan je ook worden van de vrees voor een nieuwe psychose en de ontregeling die dit (weer) teweeg kan brengen. Je gevoel van veiligheid, vertrouwen en controle is geraakt. Angst kan daardoor op de voorgrond staan en lang aanhouden.
Psychiatrische behandeling als een proces
Psychiatrische stoornissen raken vaak aan persoonlijke eigenschappen en de persoonlijkheid. Door het algemene publiek worden ze daardoor eerder als verwijtbaar gezien dan een gebroken been of suikerziekte. Ook kunnen terugkerende ontregelingen je veerkracht op de proef stellen. Je kunt je schamen voor wat je in je psychose hebt gedaan en ontmoedigd raken.
Mensen met psychiatrische beperkingen durven nauwelijks uit te komen voor de problemen die ze in het dagelijks leven ondervinden. Het taboe ondermijnt het zelfbeeld en het zelfvertrouwen.
De GGZ heeft de reputatie niet altijd herstel te bevorderen en zelfs het herstel te belemmeren. Voorbeelden zijn de nadruk die ligt op de abnormaliteit van psychotische ervaringen, te hoge doses medicatie, mensen afhankelijk maken van zorg en mensen voorhouden dat ze te ernstig ziek zijn om nog ambities te koesteren want ‘stress dient te allen tijde te worden gemeden’.
Daar word je natuurlijk niet blij van. De meeste mensen hebben uitdaging nodig om gelukkig te zijn en die uitdaging ligt in de regel tussen stress en verveling in.
Veel GGZ-intellingen zeggen nu ‘over te gaan op herstelgerichte zorg’. (Waar hun zorg voordien op was gericht mag je raden). Waar herstel aanvankelijk iets was van patiënten zelf is het nu een hype geworden waarin een zichzelf respecterende zorginstelling niet kan achterblijven. Daarnaast groeit ook het aantal ‘hersteldeskundigen’ dat in deze hype een boterham hoopt te verdienen.
Herstel kan je zien als een uitkomst en als een proces. Voor patiënten staat dat proces wellicht het meest op de voorgrond: wat is kenmerkend bij het krijgen en verwerken van psychoses?
Herstellen als normale eigenschap
Het zoeken van een nieuw evenwicht na een verstoring van de balans is mensen eigen. Een afgebroken tand is de eerste uren heel hinderlijk maar na een maand valt het je nauwelijks nog op. Een nare gebeurtenis, zoals het overlijden van iemand aan wie je bent gehecht, moet je een plek geven. In deze situaties geldt het spreekwoord ‘de tijd heelt alle wonden’. De tijd heelt, maar toch wordt het nooit meer helemaal zoals het was.
Hoe heelt de tijd bij dingen die blijvend zijn zoals een verlamming, een verstoring van je denken, het verlies van (een deel van) je zicht, terugkerende psychotische episoden of de noodzaak om voor de rest van je leven zware medicijnen te gebruiken? Ook hier is er meestal sprake van het hervinden van een balans.
In juni 1990 wint Jan 2 miljoen en de loterij en Piet verliest bij een verkeersongeluk beide benen en wordt rolstoelafhankelijk. De vraag wordt gesteld wie drie jaar later in juni 1993 het gelukkigst is, Jan of Piet? Het is niet waarschijnlijk dat de gebeurtenissen van 1990 nog van invloed zijn op hun gelukservaring in ‘93. Meer voorspellende waarde heeft de algemene levenshouding en de veerkracht die de beide heren in aanleg hadden. Beiden hebben ze hun balans hervonden nadat de rouw van Piet iets langer heeft geduurd dan de euforie van Jan |
Herstellen is dus eigenlijk een hele gewone eigenschap. Bij herstellen van een psychose spelen zoals bij al het lijden rouw en zelfbeeld een rol. Maar ook het vinden van nieuwe uitdagingen. Nu volgen wat voorbeelden uit de praktijkervaring van Anoiksis-mensen die je verder op weg kunnen helpen in het proces.
Verder met het leven!
Jeanny:
Het doet me goed als mensen me accepteren maar mijn diepste gevoel van eigenwaarde is niet meer van hen afhankelijk. Ik voel me gedragen door iets dat groter is. Ik blijf aanvaard, ook als ik faal.
Rouw
Als het je niet lukt te bereiken wat je wilt bereiken kan dat voelen als een verlies. Verlies van een stukje van je (gezonde) zelf. Daar kun je boos en verdrietig van worden. De eerste reactie die mensen dan hebben is om dit te ontkennen. Daarmee bescherm je jezelf (tijdelijk) tegen een nare emotie maar je komt er niet verder mee. Om verlies te verwerken is het kunnen aanvaarden dat het is zoals het is de eerste stap. Daarbij is het belangrijk de gevoelens toe te laten die met dit verlies gepaard gaan. Het onderdrukken van gevoelens kost namelijk veel energie en verlengt het rouwproces.
Als je je verlies kunt aanvaarden kun je jezelf en je omgeving aanpassen aan je eigen mogelijkheden (op dat moment). Bijvoorbeeld door te regelen dat je langer over bepaalde taken mag doen of dat je ergens hulp bij krijgt.
Je rouw voltooi je door verwachtingen die horen bij ‘vroeger’ achter je te laten en te investeren in nieuwe dingen en nieuwe relaties die je kunnen inspireren.
Meer lezen over rouw bij schizofrenie? ‘Ik herken mezelf niet meer’ door Dorien van Beusekom
Zelfbeeld
Na een psychose kan je onzeker zijn over wie je bent en wat je (aan)kan. Je zelfvertrouwen heeft een knauw gekregen. Mensen vergelijken zich vaak met de mensen om zich heen en vormen zo een beeld van zichzelf. Als je omgaat met heel succesvolle mensen kun je je aan hen optrekken maar sta je zelf wel in de schaduw. Bij mensen die minder presteren mis je mogelijk uitdaging. De meeste kans op een wederkerige relatie heb je met mensen die min of meer aan je gelijk zijn. Als je bepaalde problemen hebt kan het prettig zijn met mensen om te gaan met dezelfde problemen. Realiseer je daarbij wel dat voor een goede klik meer nodig is dan een gedeeld probleem.
Als je iets geks of onhandigs hebt gedaan, iets waarvoor je je schaamt, wil je dat liever niet weten. Iedereen gaat daar op een eigen manier mee om. Je kunt je gedrag ontkennen, relativeren of van je af schudden. Je kunt ook de mensen in je omgeving naar beneden halen zodat je er zelf beter uitspringt. (Bij dat laatste maak je jezelf overigens niet erg geliefd). Dit zijn voorbeelden: misschien heb je zelf wel een hele eigen manier om hiermee om te gaan.
Verantwoordelijkheid nemen voor je eigen gedrag is waarschijnlijk de meest sociale manier om hiermee om te gaan. Dan kan je er iets van leren en het achter je laten.
Meer lezen over een gezond zelfbeeld met schizofrenie? ‘Meerdandat; 10 portretten van mensen met schizofrenie’
Balans en ontwikkeling
Om in balans te blijven is het nodig grenzen te kunnen stellen en hulp te kunnen vragen. Misschien gaat dit je goed af, misschien valt hier voor jou nog iets te leren.
Voor ontwikkeling geldt ‘if you don’t use it, you lose it’ of te wel je moet actief blijven en je vaardigheden blijven gebruiken om (verdere) achteruitgang te voorkomen. Regelmatig een kleine uitdaging aangaan is dus heilzaam. En als die uitdaging leidt tot een succesje draagt het ook nog bij aan je geluk!
Tegenslag hoort bij het leven maar als je een beperking hebt kun je zoveel tegenslag tegenkomen dat je je er door uit het veld laat slaan. Omgaan met tegenslagen is voor mensen met schizofrenie een extra uitdaging. Als je meer wilt dan je kunt betekent dat een rouwproces. Anderzijds kun je wel leren om voor jezelf op te komen en anderen te vragen rekening met je te houden.
Structuur en sociale contacten zijn voor de meeste mensen van groot belang. Dit wordt vaak gevonden in werk (en/of opleiding). Ook als het werk niet ideaal is draagt het toch nog bij aan de balans. Dat betekent natuurlijk niet dat je geen eisen mag stellen aan de structuur, de tijd en de contacten in het werk. Je moet het immers wel kunnen volhouden. Daarbij kan werk ook zorgen voor uitdaging en succes.
Sport draagt bij aan zowel de fysieke als de mentale (psychische) gezondheid. Minimaal een keer per week sporten, fitnessen of hardlopen naast een dagelijks wandel of fietstochtje draagt bij aan een beter welbevinden. (conditie, concentratie enz.)


