Het beloop van een psychotische stoornis is moeilijk te voorspellen

BEHANDELING:

Een onbehandelde psychose kan ernstige gevolgen hebben voor de hersenen, maar heeft vooral een heel negatieve invloed op het sociaal functioneren.
Er ontstaan bij een psychose vaak problemen rond werk, studie, financiën en wonen. Conflicten met collega’s, studiegenoten, buren, familie en vrienden kunnen onnodig heftig zijn en lang duren. De sociale uitstoting die daardoor vaak ontstaat, kan de psychose weer doen verergeren.

Schizofrenie is behandelbaar maar niet te genezen.
Er zijn medicijnen die, ondanks de vaak vervelende bijwerkingen, een psychose kunnen doen verminderen en verdere psycho-sociale behandelingen mogelijk maken. De medicijnen werken vooral op de wanen en de hallucinaties, de zogenaamde positieve symptomen. Op negatieve en cognitieve symptomen zoals gebrek aan energie, concentratie, het vermogen initiatief te nemen, heeft medicatie weinig tot geen effect. De medische en psycho-sociale behandeling hebben tot doel symptomen te bestrijden, te leren omgaan met de psychotische kwetsbaarheid, het helpen verwezenlijken van doelen en activiteiten, het vinden van hulpbronnen daarbij en, indien nodig, het realiseren van aanpassingen in de omgeving.
Psychosociale interventies in het kader van behandeling van psychosen zijn onder andere gezinsinterventies en cognitieve gedragstherapie. Vaak is daarnaast, al dan niet tijdelijk, hulp nodig bij het maatschappelijk functioneren, bijvoorbeeld met trajectbegeleiding of woonbegeleiding.
Bij medicatiegebruik is een regelmatige somatische screening op het metabool syndroom (overgewicht, hart- en vaataandoeningen en suiker- en vetstofwisseling) te adviseren.

Beloop:
Het beloop van een psychotische stoornis is moeilijk te voorspellen. Sommige psychosen gaan vanzelf over, andere zelfs niet met medicatie. De één herstelt volledig, de ander blijft langdurig van zorg afhankelijk.
Ook het beloop is onderwerp van wetenschappelijk onderzoek.

Vroege voortekenen

Wanneer je een psychose tijdig kunt herkennen kun je er mogelijk ook tijdig iets aan doen.
Vroege voortekenen kunnen bij iedereen anders zijn maar voortekenen die veel voorkomen zijn:

  • Een veranderd slaappatroon
  • Prikkelbaarheid
  • Veranderende opvattingen en overtuigingen
  • Niet meer kunnen relativeren
  • Wantrouwen en achterdocht
  • Geobsedeerd worden door een bepaald onderwerp
  • Terugtrekken uit de sociale omgeving
  • Problemen aandacht en geheugen
  • Depressie

Wat kunnen mensen zelf doen?
Bewust worden van wat stress veroorzaakt en wat je er aan kan doen.

Zorgen voor een goede dagstructuur door bijvoorbeeld (vrijwilligers)werk, sport, sociale contacten, opleiding en rustmomenten.

  • Op tijd hulp vragen.
  • Op tijd rust nemen.
  • Het, samen met vertrouwenspersonen, opstellen van een signaleringsplan